Een vruchtbare omgeving voor ICT&O professionalisering

Rebecca Scholte, Simone Terwindt en Marja Verstelle
KUBITlogo
Jrg. 8/nr. 1 voorjaar 2001
lijn

Zou het mogelijk zijn om een lijst van succesfactoren samen te stellen voor professionalisering van docenten op het gebied van ICT&O? Het gaat hierbij om professionalisering in brede zin, dus niet alleen om scholing, maar ook om het faciliteren van andere manieren van leren, en om het scheppen van condities voor het leerproces.

In het kader van een workshop op de recente -mede door het ICLON georganiseerde- SURFstudiedag Docent & Professionalisering voor instellingen uit het hoger onderwijs gingen wij deze uitdaging aan. Ondanks drie zeer verschillende invalshoeken lukte het ons om het eens te worden over een lijst met factoren die wij alle drie herkenden als essentiëel voor het creëren van een vruchtbare bodem voor adoptie van ICT&O door docenten.

De vraag luidt dus: zijn er algemeen geldende succesfactoren die cruciaal zijn voor de adoptie van ICT door docenten in hun onderwijs? Hieronder beschrijven wij negen succesfactoren. Deze dienen nadrukkelijk gezien te worden als aandachtspunten: de invulling ervan is afhankelijk van politieke en financiële omstandigheden, en van tradities van een instelling. De lijst is bedoeld als instrument om ICT&O professionaliseringstrajecten door te lichten op onderbelichte aspecten.

Sleutelfactor 1: techniek

Techniek dient in voldoende mate beschikbaar, toegankelijk, en snel te zijn. Op het gebied van de toegankelijkheid bijvoorbeeld zien we dat het 24/7 concept aan belang wint: altijd kunnen rekenen op een werkend systeem, ook in avond- en nachtelijke uren.

Sleutelfactor 2: ondersteuning

Het kunnen terugvallen op helpdesk en scholing is cruciaal voor docenten. Van ondersteuningsdiensten zal eerder gebruik gemaakt worden wanneer zij klantvriendelijk en laagdrempelig zijn. In plaats van één centrale ondersteuningseenheid, waarvoor gebruikers de deur uitmoeten en waarbij ze hun vraag moeten voorleggen aan mensen die niet op de hoogte zijn van omstandigheden op hun faculteit, is het effectiever om een balans te zoeken tussen centrale en decentrale ondersteuning.

Sleutelfactor 3: inspiratie

Juist bij innovatietrajecten (wat ICT&O projecten zijn), zijn voorbeelden en "getuigenverklaringen" van groot belang om docenten warm te laten lopen. Opleiders en beleidsmakers kunnen dit op legio manieren faciliteren, bijvoorbeeld met bijeenkomsten waarop collega´s elkaar vertellen over hun ervaringen (tell & show sessies) en met aandacht in bulletins voor evaluatieuitkomsten.

Sleutelfactor 4: rekening houden met concerns en problemen van docenten

Dit aandachtspunt geldt allereerst voor de toepassingen waarvoor ICT ingezet wordt: hoe meer men in staat is in te gaan op oplossingen voor knelpunten van docenten in hun eigen vak, hoe groter de kans op erkenning van het nut van ICT. Maar ook is het belangrijk om concerns en problemen van docenten mee te nemen in de wijze waarop de professionalisering wordt aangeboden. Eén van de meest prangende vragen die docenten zichzelf - terecht - stellen is wat de meerwaarde is van ICT voor hun eigen studenten.

Sleutelfactor 5: rekenig houden met volgers en pioniers

Was ICT in het hoger onderwijs jarenlang het terrein van enthousiaste pioniers, nu streeft men naar de adoptie van ICT door álle docenten. Beide groepen, pioniers en volgers, hebben een wezenlijke plaats in het implementatieproces; de kunst is om rekening te houden met hun verschillende behoeftes. Zo varen pioniers wel bij een zekere mate van vrijheid, terwijl de pragmatischer volger behoefte heeft aan kant-en-klare, werkende standaardtoepassingen. Een mogelijke valkuil is het inzetten van pioniers om volgers te trainen. Voor pioniers is het vaak lastig om zich in te leven in de belevingswereld van de volger. Volgers hebben niet zo'n hoge frustratiedrempel als pioniers voor technische problemen. Daarentegen kunnen de voorbeelden die pioniers creëren uiterst nuttig zijn ten behoeve van de beeldvorming van volgers.

Sleutelfactor 6: plannen van strategie t.b.v. draagvlak

De hamvraag bij ICT&O implementatie lijkt: top down of bottom up? Bewust kiezen voor de best passende strategie (één of een mix van strategieën) is belangrijk. Discussianten tijdens studiedagen vinden elkaar vaak ergens in het midden: een door het management opgelegde invoering van ICT&O kan niet zonder enthousiaste docenten die anderen tot voorbeeld dienen; terwijl een van onderaf ontstane beweging op een gegeven moment de betrokkenheid van het management nodig heeft om door de grote groep serieus te worden genomen.

Een valkuil is om in dit krachtenveld het middlemanagement te verwaarlozen.

Sleutelfactor 7: personeelsbeleid

In hoeverre heeft de instelling erkenning van goed onderwijs tot beleid gemaakt? Worden docenten beoordeeld op inspanningen voor het verbeteren van hun onderwijs met ICT, of worden zij als puntje bij paaltje komt alleen afgerekend op hun publicaties? Erkenning voor inspanningen t.b.v. onderwijs komt idealiter tot uiting tijdens functioneringsgesprekken en in promotiebeleid. Ook met effectieve PR rond succesvolle ICT&O projecten kan erkenning worden uitgedrukt.

Sleutelfactor 8. tijd

Allereerst heeft tijd betrekking op personele capaciteit. Is het mogelijk om docenten vrij te roosteren? In de praktijk blijken vrijgeroosterde uren snel te verdampen; het reserveren van een specifiek dagdeel kan dit voorkomen. Een alternatief is werk uit handen te laten nemen door student-assistenten.

Verder is het van belang rekening te houden met het bewustwordingproces dat docenten doorlopen met ICT. Het proces dat loopt van kennismaking met ICT tot het effectief toepassen ervan, heeft een of meerdere jaren nodig. Het is een valkuil om van docenten - uitzonderingen daargelaten - in hun eerste jaar meteen innovatieve toepassingen te verwachten. Het is ook een valkuil om de "inspiratie" t.b.v. onderwijskundige vernieuwing alleen in het jaar van introductie te faciliteren; creatieve inzichten komen voor velen pas jaren later!

Sleutelfactor 9: kansen

Het kan nuttig zijn om planmatig stil te staan bij de vraag wat de meest vruchtbare bodem is voor professionaliseringsactiviteiten. Waar is tijd en gelegenheid om over onderwijsdoelstellingen na te denken? Bijvoorbeeld daar waar toch al aan een nieuw vak gewerkt wordt, of waar faculteiten op het BaMa model overgaan. Uiteraard heeft het niet altijd de voorkeur om in één keer op meerdere fronten te vernieuwen. Het loont echter wel de moeite alert te zijn op openingen die vernieuwingsprocessen bieden voor ICT&O.

Tot slot

Genoemde sleutelfactoren zijn gebaseerd op de studie: Professionalisering van docenten op het gebied van ICT&O (te verkrijgen bij Verstelle@iclon.leidenuniv.nl). Deze studie is gericht op professionaliseerders en beleidsmakers binnen het ICLON.
Nog niet beantwoorde vragen in deze studie zijn de volgende: in hoeverre wijkt professionalisering van docenten op het gebied van ICT&O af van andere professionaliseringstrajecten? En: in hoeverre is wat het ICLON over professionalisering van docenten aan verzamelde expertise in huis heeft ook toe te passen op projecten waarbij de implementatie van ICT in het onderwijs centraal staat?

lijn
Archief Archief Zoeken Zoeken Mail Mail Inhoudsopgave Inhoudsopgave Kubit homepage Kubit homepage